
Verslag van de Raad van Commissarissen
Overeenkomstig vigerende wet- en regelgeving legt de Raad van Commissarissen (RvC) separaat verantwoording af over zijn functioneren in 2025. Er vonden diverse wisselingen binnen zijn samenstelling plaats, zodat 2025 een jaar was waarin de RvC in zijn nieuwe samenstelling het gesprek voerde over het bestendigen van adequaat intern toezicht en de relatie met de directeur-bestuurder.
Uitgangspunten intern toezicht bij Sité
De diverse rollen van de RvC zijn vastgelegd in de statuten van Sité, het Reglement van de Raad van Commissarissen, het toezichtkader van de RvC en de procuratieregeling van Sité. Het Reglement van de Raad van Commissarissen bevat ook specifieke richtlijnen voor samenstelling, profiel, benoeming, aftreden, (potentieel) tegenstrijdige belangen, vergoedingen, vergaderingen, informatie, continuïteit van de sturing van de organisatie, externe verantwoording, vertrouwelijkheid en het overleg van de RvC met de Ondernemingsraad, huurdersvereniging Siverder en de controlerend accountant.
De invulling van het toezicht is belegd in het toezichtkader, bestaande uit de visie op besturen en toezicht en het toetsingskader van de RvC. De hierin vastgelegde rollen van de RvC en de leidende principes die hij daarvoor hanteert zijn:
- we zetten de dialoog centraal;
- we kijken met een kritische blik vanuit oprechte nieuwsgierigheid;
- we houden contextueel toezicht;
- we kiezen bewust voor diversiteit.
Het toezichtkader bevat ook principes voor de relatie tussen de RvC en het bestuur:
- vertrouwen als basis, met behoud van ieders specifieke verantwoordelijkheid;
- no surprise-beginsel als voorwaarde, uitgaande van wederzijdse openheid en volledigheid in informatievoorziening;
- ruimte voor intuïtie en het ongezegde als vanzelfsprekendheid, waarbij zowel de RvC als directeur-bestuurder zich laat leiden door een moreel kompas dat zich richt op het goede doen.
De RvC constateerde ook in zijn nieuwe samenstelling de hierboven geschetste principes en uitwerking daarvan in de visie op besturen en toezicht te onderschrijven en beperkte de actualisatie ervan tot een tekstuele aanscherping.
Samenstelling RvC
De RvC bestond in 2025 uit vijf leden, die elk zijn benoemd voor een periode van vier jaar en daarna maximaal nog één keer voor vier jaar kunnen worden herbenoemd. Bij het wijzigen van zijn samenstelling heeft de RvC altijd oog voor diversiteit qua geslacht, leeftijd, beroepsgroepen, kennis en expertise, etnische afkomst en persoonlijkheidskenmerken en streeft hij ernaar als collectief een zo goed mogelijke afspiegeling van de maatschappij te zijn.
In april eindigde de tweede en laatste zittingstermijn van zowel mevrouw Van Atteveld als de heer De Jaeger, respectievelijk vicevoorzitter RvC/voorzitter Auditcommissie en voorzitter RvC/lid Remuneratiecommissie. Met de hulp van bureau Colourful People en de directeur-bestuurder als adviseur zocht de RvC een nieuwe voorzitter RvC, tevens lid van de Remuneratiecommissie.
In het geactualiseerde wervingsprofiel lag de nadruk op bestuurlijke en toezichthoudende ervaring, goede governance- en proceskennis, het verbinden van belangen, het versterken van samenwerking en een visie op de maatschappelijke rol van de corporatie. De RvC was met inachtneming van het positieve advies van de Ondernemingsraad unaniem van mening dat mevrouw Pullen ruimschoots beschikte over alle gewenste kennis en vaardigheden en was blij haar per 15 mei als voorzitter te kunnen benoemen. Ter overbrugging was de heer Verlaan tijdelijk lid van de Remuneratiecommissie.
Conform de afspraak die in 2024 werd gemaakt werd de heer Verlaan vanaf april voorzitter van de Auditcommissie. Tot dan doe was hij lid van de Auditcommissie. Daarom zocht de RvC onder begeleiding van bureau Galan Groep en de directeur-bestuurder als adviseur een nieuw lid voor de Auditcommissie. Aan de hand van geactualiseerde profiel zocht de RvC een nieuwsgierige Commissaris met vastgoedkennis, hart voor huurdersbelangen, brede interesse voor de doelgroepen en opgaven van Sité en die goed de verbinding weet te maken tussen middelen en strategie. De heer Leushuis sloot volgens de voltallige RvC uitstekend aan op de vereisten. Dit werd onderschreven met een positief advies van de Ondernemingsraad, zodat de heer Leushuis op 1 september kon aantreden. Ter overbrugging was mevrouw Smink tijdelijk lid van de Auditcommissie.
In mei eindigde de eerste zittingstermijn van de heer Sundaram. Op voordracht van huurdersvereniging Siverder benoemde de RvC hem voor een tweede en laatste zittingstermijn. Met inachtneming daarvan benoemde de RvC de heer Sundaram tot vicevoorzitter.
Figuur 42 Samenstelling RvC
| Functie binnen RvC | Datum aantreding | Einde huidige zittingstermijn | Hernoembaar | Beroep | Relevante (neven)functies | |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Karin Pullen | Voorzitter RvC; lid Remuneratiecommissie | 15 mei 2025 | 14 mei 2029 | Ja | Voorzitter RvB Humanitas DMH | Lid Strategische Board Regio Stedendriehoek; lid expertiseraad Expertisecentrum Forensische Psychiatrie (EFP) |
| Ronald Leushuis | Lid RvC; lid Auditcommissie | 1 september 2025 | 31 augustus 2029 | Ja | Directeur-bestuurder a.i. Scalabor; eigenaar RoPhiJo (organisatieadvies) | Lid RvT; lid Commissie Financiën en Huisvesting Conexus |
| Janneke Smink | Lid RvC; huurderscommissaris | 27 maart 2023 | 26 maart 2027 | Ja | Directeur MEE NL | n.v.t. |
| Janarthanan Sundaram | Vicevoorzitter RvC; huurderscommissaris; voorzitter Remuneratiecommissie | 18 mei 2021 | 17 mei 2029 | Nee | Directeur Bright Access (DGA) | Voorzitter RvT Stichting Onderwijsgroep Amersfoort; lid Ledenraad Univé-Oost; lid RvT Theater De Sonnevanck; voorzitter bestuur Fiber Carrier Association; lid Landelijke Verkiezingscommissie D66 |
| Tim Verlaan | Lid RvC; voorzitter Auditcommissie | 6 juni 2024 | 5 juni 2028 | Ja | Algemeen directeur Coöperatie KIEN | n.v.t. |
De RvC is van oordeel dat alle Commissarissen in 2025 onafhankelijk waren conform de criteria in zowel wet- en regelgeving als de statuten en het Reglement van de Raad van Commissarissen van Sité. Conform het Reglement van de Raad van Commissarissen stelde de RvC bij (neven)functies van zowel zittende als nieuwe Commissarissen van zijn leden elders vast dat er geen sprake was van tegenstrijdig belang in relatie tot hun Commissariaat bij Sité en dat de nevenfuncties ook voldoen aan de door de RvC gestelde criteria.
Bij de benoeming van zijn nieuwe leden stelde de RvC vast dat van het eventueel verrichten van concurrerende activiteiten (waaronder privé-vastgoedbezit bestemd voor verhuur) geen sprake was.
De RvC constateerde ook dat geen van zijn leden of de directeur-bestuurder schenkingen van Sité of haar relaties hebben aangenomen en dat geen van hen derden op kosten van Sité voordelen verschaften.
Alle Commissarissen waren in 2025 lid van de Vereniging van Toezichthouders in Woningcorporaties (VTW).
Bijeenkomsten voltallige RvC
Naast vier reguliere RvC-vergaderingen, een studietweedaagse en een studiedag vond een extra bijeenkomst met de voltallige RvC plaats in verband met de te wijzigen samenstelling van de RvC door het bereiken van de maximale zittingstermijn van de twee hierboven genoemde Commissarissen. Ook de actualiteit rond Woongemeenschap Naoberhoek was aanleiding om in een extra vergadering bijeen te komen. Daarnaast waren alle Commissarissen aanwezig bij zowel het jaarlijkse overleg met het bestuur van huurdersvereniging Siverder en het jaarlijkse overleg met de Ondernemingsraad als het jaarlijkse voortgangsgesprek met de Aw.
De RvC & huurdersvereniging Siverder
De twee huurderscommissarissen waren in wisselende samenstelling aanwezig bij overleggen met, of bijeenkomsten van, het Siverder-bestuur. Tijdens de Algemene Vergadering van Siverder gaven zij op uitnodiging van Siverder een toelichting op hun rol als huurderscommissaris en de wijze waarop de RvC toezicht houdt op Sité.
In het jaarlijkse overleg tussen de voltallige RvC en het bestuur van Siverder werd op voorstel van Siverder gesproken over de rol van Sité bij WMO-situaties, de functionaliteit van nieuwbouwwoningen van Sité en de betrokkenheid van Siverder bij het besluit tot huurverhoging per 1 juli 2026. Daarnaast werd gesproken over de betrokkenheid van de achterban van Siverder. Tenslotte werd stilgestaan bij een aantal op dat moment recente explosies nabij woningen van Sité.
De RvC heeft waardering voor betrokkenheid van het Siverder-bestuur en de wijze waarop het zich naar vermogen inzet om de belangen van zijn achterban te behartigen en daarbij ook oog heeft voor de positie van Sité.
De RvC & de Ondernemingsraad
Voorgaande jaren sprak een vaste delegatie van de RvC jaarlijks met de Ondernemingsraad. Vanwege de wisselingen in de samenstelling van zowel RvC als Ondernemingsraad nam in 2025 de voltallige RvC deel aan dit gesprek. Hierin lag de nadruk op de toenemende problematiek ‘achter de voordeur’ en de afnemende tolerantie onder huurders jegens elkaar en Sité. De RvC vindt de rol die Sité daarin heeft complex en uitdagend, is zich goed bewust van de impact daarvan op haar organisatie en medewerkers en uitte zijn waardering voor de inzet van de betreffende medewerkers.
In het kader van de organisatieontwikkeling tot dan toe en het vervolg op het eind 2024 uitgevoerde medewerkersbetrokkenheidsonderzoek bespraken de RvC en de Ondernemingsraad onder meer het draagvlak onder en betrokkenheid van medewerkers.
De RvC en Ondernemingsraad stonden ook stil bij de relatie tussen de Ondernemingsraad en directeur-bestuurder en de stappen die zij sinds het aantreden van de directeur-bestuurder gezamenlijk zetten. In deze constateerde de RvC dat op de diverse thema’s sprake was van de gewenste wederkerigheid in de samenwerking. Ook was de RvC er mede door dit gesprek van overtuigd dat de benodigde tegenkracht tussen Ondernemingsraad en directeur-bestuurder afdoende is geborgd.
In lijn met de CAO Woondiensten werd de Ondernemingsraad gevraagd om advies ten aanzien van de benoeming van mevrouw Pullen en de heer Leushuis. Bij beide benoemingen gaf de Ondernemingsraad een positief advies.
Auditcommissie
In wisselende samenstelling bereidde de Auditcommissie in drie vergaderingen onder meer de RvC-besluitvorming over de financiële en governance-onderdelen voor. In dat kader gaf de Auditcommissie de RvC een positief advies wat betreft het vaststellen van de jaarstukken 2024, het verlenen van decharge aan de directeur-bestuurder wat betreft de financiële afwikkeling van 2024 en het goedkeuren van Begroting 2026. Qua governance adviseerde de Auditcommissie positief over het wijzigen van het Reglement van de Raad van Commissarissen, het Reglement van de Auditcommissie, het Reglement Financieel Beleid en Beheer, het Investeringsstatuut en het Treasurystatuut. In relatie tot de rol van de RvC als opdrachtgever voor de controlerend accountant gaf de Auditcommissie een positief advies over de opdrachtbevestiging en het auditplan van Deloitte betreffende boekjaar 2025.
Naast het adviseren van de RvC besprak de Auditcommissie de oordeels- en toezichtbrieven van de Aw en het WSW. De Auditcommissie maakte ook kennis met Deloitte, met ingang van boekjaar 2025 de controlerend accountant van Sité. Naar aanleiding van de uitkomsten van de interim-controle 2025 wisselde de Auditcommissie met Deloitte onder meer van gedachten over informatiebeveiliging, de met ingang van 2026 te wijzigen waarderingsgrondslag voor de jaarrekening en de gewenste mate van aandacht voor risicobeheersing.
De Auditcommissie was tevreden over het oordeel van de controlerend accountant dat Sité in 2025 adequaat invulling gaf aan de interne audits op de onderhoudsprocessen en nam kennis van de tussen Sité en de controlerend accountant gemaakte vervolgstappen hieromtrent.
Voor de Auditcommissie was ook relevant dat de controlerend accountant in het kader van de eindejaarcontrole 2024 bevestigde dat er geen redenen waren om te twijfelen aan de financiële continuïteit van Sité en op basis van de interim-controle een positief beeld had over haar interne beheersingsomgeving.
Tot tevredenheid van de Auditcommissie leidde het oordeel van het externe toezicht niet tot interventies of toezichtafspraken.
De Auditcommissie en directeur-bestuurder voerden ook verdiepende gesprekken over het -uiteindelijk niet geëffectueerde- voornemen van de coalitiepartijen tot huurbevriezing in 2025 en 2026 en de uitgangspunten voor Begroting 2026 e.v..
Tenslotte werd de Auditcommissie onder meer geïnformeerd over de Controle- & Auditplanning van de organisatie voor 2025 en de uitkomsten van de Controle- & Auditplanning 2024.
De Auditcommissie keek terug op goed voorbereide en constructieve vergaderingen met gedegen stukken en gesprekken op het goede niveau over de juiste onderwerpen. De Auditcommissie stelde vast dat Sité ook onder de huidige, uitdagende omstandigheden zowel financieel als qua bedrijfsvoering solide is en beschikt over mogelijkheden om adequaat te anticiperen. In het verlengde daarvan kijkt de Auditcommissie er naar uit om komende periode met de directeur-bestuurder en organisatie een aantal verdiepende thema’s op te pakken.
Remuneratiecommissie
De Remuneratiecommissie geeft namens de RvC primair uitvoering aan diens rol als werkgever van de directeur-bestuurder. De Remuneratiecommissie voerde daartoe voortgangsgesprekken en een formeel beoordelingsgesprek met de directeur-bestuurder en bracht hierover verslag uit aan de voltallige RvC. In algemene zin waren de Remuneratiecommissie en RvC bijzonder positief over de wijze waarop de directeur-bestuurder in haar eerste jaar bij Sité invulling en uitvoering gaf aan haar rol.
Bezoldiging bestuur
De arbeidsovereenkomst met de directeur-bestuurder voorziet in twee manieren waarop haar bezoldiging kan worden verhoogd. De bezoldiging wordt jaarlijks geïndexeerd conform de Regeling Bezoldigingsmaxima Topfunctionarissen Toegelaten Instellingen Volkshuisvesting, ongeacht het functioneren. Daarnaast ontvangt de directeur-bestuurder een extra brutobedrag bij goed functioneren mits de wettelijke maxima in WNT en Regeling Bezoldigingsmaxima Topfunctionarissen Toegelaten Instellingen Volkshuisvesting niet overschreden worden.
Overeenkomstig is de jaarlijkse indexering per 1 januari 2025 toegepast. Op basis van het hierboven aangestipte oordeel over haar functioneren is eind 2025 besloten tot uitkering van het brutobedrag in 2025.
Ten aanzien van boekjaar 2024 werd vastgesteld dat de WNT-verantwoording aan de daaraan gestelde eisen voldeed, maar dat het goed was de hiermee gemoeide processen aan te scherpen.
Dit is overeenkomstig in gang gezet en in eerste instantie door de Remuneratiecommissie gevolgd.
De directeur-bestuur ontving geen persoonlijke leningen, financiële garanties of andere financiële voordelen die niet vallen onder het beloningsbeleid. Haar bezoldiging wordt in de jaarrekening nader verantwoord.
Figuur 43 Bestuur
| Directeur-bestuurder | Saar Veneman |
|---|---|
| Datum van aantreden | 20 augustus 2024 |
| Einde huidige zittingstermijn | 19 augustus 2028 |
| Relevante nevenfuncties in 2025 | Lid Achterhoek Board (8RHK Ambassadeurs), lid Comité van Aanbeveling Stichting Present Doetinchem |
| PE-verplichting 2024 - 2026 | 87 |
| Aantal in 2025 behaalde PE-punten | 69,5 |
| Totaal aantal behaalde PE-punten | 88,5 |
Zelfevaluatie RvC
Zoals gebruikelijk was reflectie op de vergadering standaard onderdeel van de reguliere RvC-vergaderingen. Vaste aandachtspunten daarbij waren de toepassing van het toezichtkader, de mate waarin de RvC aandacht had voor het belang van zowel de huurders als Sité en het functioneren van de RvC.
In het najaar stond de RvC onder leiding van Bart de Lange van GovernanceQ meer uitgebreid stil bij zijn functioneren als collectief en dat van de individuele Commissarissen. In een open, onderzoekende en reflecterende setting stonden de samenstelling en onderlinge dynamiek binnen de RvC en de samenwerking tussen RvC en directeur-bestuurder op hun samenwerking hierbij centraal. In algemene zin was het oordeel dat de diverse commissies en delegaties van de RvC naar behoren hadden gefunctioneerd.
De RvC stelde vast dat de diverse wisselingen in het management en RvC in de periode 2024-medio 2025 relatief veel aandacht van de RvC hadden gevraagd. Gedurende die periode was er minder ruimte voor het door zowel RvC als directeur-bestuurder gewenste gesprek over strategische thema’s. De verdiepingsgesprekken over het Duurzaam Prestatiemodel en sectorale solidariteitsbeginsel vanaf medio 2025 waren wat betreft alle betrokkenen dan ook een goede eerste stap richting meer focus van de RvC op de opgave van Sité.
De RvC herijkte de afspraken over het contact van de RvC/Auditcommissie met de controller en de controlerend accountant.
Tenslotte maakte de RvC procesafspraken in het kader van het einde van de eerste zittingstermijn van huurderscommissaris mevrouw Smink in maart 2027, de rol van de RvC bij investeringsbesluiten rond renovatie en de rol van de Auditcommissie bij investeringsbesluiten in vastgoed.
Deskundigheid & ontwikkeling op inhoud
Adequaat intern toezicht vereist blijvende aandacht voor de deskundigheid van de RvC als collectief en dat van de individuele Commissarissen. De RvC neemt dit standaard mee bij zijn overweging tot (her)benoeming van zijn leden, zo ook in 2025 bij de benoeming van mevrouw Pullen en de heer Leushuis voor een eerste zittingstermijn en de benoeming van de heer Sundaram voor een tweede zittingstermijn.
Ook gedurende hun commissariaat bij Sité zorgen de Commissarissen in elk geval via een persoonlijk scholingsprogramma dat hun deskundigheid adequaat is. Aanvullend daarop benutte de RvC in 2025 zijn studietweedaagse en studiedag voor gezamenlijke sessies over het Duurzaam Prestatiemodel (DPM) en het sectorale solidariteitsbeginsel. Conform het streven om dit jaarlijks te doen bezocht de RvC ook diverse vastgoedprojecten.
Tenslotte droeg het introductieprogramma eraan bij dat de nieuwe Commissarissen snel in staat waren hun rol als toezichthouder bij Sité optimaal te vervullen.
Figuur 44 Permanente Educatie Commissarissen
| PE-verplichting tot en met 2025 | Aantal in 2025 behaalde PE-punten | Totaal aantal behaalde PE-punten | |
|---|---|---|---|
| Ronald Leushuis | 1 | 4.5 | 4.5 |
| Karin Pullen | 3 | 24 | 24 |
| Janneke Smink | 14 | 9 | 23 |
| Janarthanan Sundaram | 23 | 15 | 38 |
| Tim Verlaan | 7 | 38 | 78 |
Toepassing Governancecode woningcorporaties
De RvC vindt goed, verantwoord en transparant bestuur en het interne toezicht daarop belangrijk en constateert in deze onder meer dat Sité in 2025 de Governancecode Woningcorporaties toepaste. Ter verbijzondering daarvan gold:
Artikel 4.4 Contact RvC – belanghebbenden
Het ‘Pas toe of leg uit’-principe in bepaling 4.4 voorziet in contact tussen de RvC en belanghebbenden van Sité.
De RvC is zich ervan bewust dat Sité zich midden in het maatschappelijk speelveld begeeft en dat samenwerking met haar partners verweven is in de gehele organisatie.
De RvC heeft zicht op de voornaamste belanghebbenden van Sité en toetst of Sité adequaat omgaat met hun input en belangen. Ook toetst de RvC al jaren na afloop van iedere vergadering of de RvC voldoende oog had voor het belang van de huurders van Sité. De directeur-bestuurder houdt de RvC over relevante ontwikkelingen in deze op de hoogte. De RvC is van mening dat het rechtstreekse contact met partners -anders dan de Ondernemingsraad en huurdersvereniging Siverder- gelet op de verschillende verantwoordelijkheden van RvC en organisatie en de visie op adequaat intern toezicht bij de organisatie belegd moet zijn. Dit mede om de scherpte te behouden in de verschillende rollen en verantwoordelijkheden.
Tegelijkertijd houdt de RvC er rekening mee dat zijn netwerkrol, bijvoorbeeld in het kader van het sectorale solidariteitsbeginsel, komende periode wellicht een andere invulling vereist. Dit zowel vanuit zijn toezichthoudende verantwoordelijkheid als in zijn rol als adviseur van de directeur-bestuurder.
Artikel 5.1 Beleggingsstatuut & Verbindingenstatuut
Conform wet- en regelgeving (waaronder de Governancecode) beschikte Sité in 2025 over een Investeringsstatuut en Treasurystatuut. Evenals voorgaande jaren beschikte Sité niet over een separaat Beleggingsstatuut en Verbindingenstatuut, waarin de Governancecode voorziet. Het Treasurystatuut biedt onder voorwaarden ruimte voor beleggingen, maar tot op heden kiest Sité hier niet voor. Vanuit dat perspectief volstaat hetgeen hierover in het Treasurystatuut is vastgelegd en heeft een Beleggingsstatuut volgens Sité onvoldoende toegevoegde waarde.
Ze kiest er tot nog toe ook bewust voor geen verbindingen aan te gaan. Derhalve heeft ook een Verbindingenstatuut op dit moment onvoldoende toevoegde waarde.
Artikel 5.2 Visie RvC op opdrachtgeverschap en aanbestedingsbeleid
De Governancecode verplicht de RvC en directeur-bestuurder tot een visie op het opdrachtgeverschap en aanbestedingsbeleid van Sité, op basis waarvan de directeur-bestuurder het aanbestedingsbeleid opstelt. De RvC heeft als standpunt dat het initiatief rond het opdrachtgeverschap en aanbestedingsbeleid bij de directeur-bestuurder en organisatie van Sité ligt. De directeur-bestuurder informeert de RvC over relevante afwegingen en ontwikkelingen. Overeenkomstig zijn toezichtkader ziet de RvC er daarbij onder meer op toe dat de organisatie zich in deze gedraagt overeenkomstig gangbare integriteitsnormen en de relevante risico’s in beeld heeft en adequaat beheerst. In 2025 gold dit bijvoorbeeld voor de keuze van Sité om met ingang van 2026 de renovatie en verduurzaming van haar woningen te organiseren via RGS (resultaatgericht samenwerken).
Integriteit
Hoofdstuk 6 bevat een toelichting op de wijze waarop Sité zich inspant om (de schijn van) belangenverstrengeling en voorkeursbehandeling te voorkomen en zo eerlijk, transparant en integer mogelijk te werken. In algemene zin is het oordeel dat de organisatie integriteit en soft controls voldoende op orde heeft. Deze onderwerpen hadden tot nog toe echter niet een vaste plek in de vergadercyclus van de RvC. In dat kader gaf de Aw in het voortgangsgesprek met de RvC (zie ook verderop in dit hoofdstuk) aan dat Sité via haar website, jaarstukken en toezichtkader ruim aandacht besteedt aan integriteit, maar dat het wellicht een optie is om integriteit binnen Sité in meer brede zin periodiek met de RvC te bespreken. De RvC en directeur-bestuurder nemen deze aanbeveling ter harte.
Wat betreft zijn eigen integriteit toetst de RvC (potentieel) tegenstrijdig belang inzake de (neven)functies en het vastgoedbezit van zijn leden aan het Reglement van de Raad van Commissarissen. Dat voldoet aan wet- en regelgeving en de door Aedes en de VTW opgestelde ‘Handreiking opnieuw beoordelen van vastgoedbezit’. Dat geldt ook voor de bepalingen met betrekking tot de directeur-bestuurder.
Inhoud van het interne toezicht
De RvC verleende goedkeuring aan diverse vastgoedinvesteringen. Daarnaast kwamen veel onderwerpen op de RvC-agenda voort uit de begrotings- en verantwoordingscyclus, zijn rol als opdrachtgever van de controlerend accountant en zijn rol als werkgever van de directeur-bestuurder. Andere thema’s kwamen aan de orde via de agendering van bestuurlijke kwesties van de directeur-bestuurder en de managementrapportages.
De RvC reflecteerde hierop, onderschreef de door de directeur-bestuurder gekozen richting, stelde vragen ter toetsing of verheldering en gaf in enkele gevallen -al dan niet desgevraagd- suggesties of adviezen mee ter overweging. Deze werkwijze is al jaren een werkwijze die zich volgens alle betrokkenen goed leent voor het juiste gesprek tussen de RvC en bestuur.
Besluitvorming
Naast de hierboven toegelichte besluitvorming besloot de RvC achtereenvolgens tot:
- Goedkeuring gewijzigd investeringsbesluit directeur-bestuurder m.b.t. nieuwbouw Asterstraat/Spoorzone Doetinchem;
- Goedkeuring besluit directeur-bestuurder tot verlenging termijn t.b.v. ondertekening overeenkomsten m.b.t. Woongemeenschap Naoberhoek;
- Vaststelling jaarstukken 2024 (met inachtneming toelichting bevindingen door controlerend accountant BDO);
- Verlening decharge aan directeur-bestuurder t.a.v. financiële afwikkeling boekjaar 2024;
- Goedkeuring besluit directeur-bestuurder tot aankoop De Bongerd in Steenderen;
- Vaststelling opdrachtbevestiging en controleplan Deloitte boekjaar 2025;
- Vaststelling gewijzigd Reglement van de Raad van Commissarissen;
- Vaststelling gewijzigd Reglement van de Auditcommissie;
- Goedkeuring gewijzigd Reglement Financieel Beleid en Beheer;
- Goedkeuring gewijzigd Investeringsstatuut;
- Goedkeuring gewijzigd Treasurystatuut;
- Vaststelling geactualiseerde visie op besturen en toezicht;
- Vaststelling jaarplanning RvC 2026;
- Goedkeuring investeringsbesluit nieuwbouw Woongemeenschap Naoberhoek Doetinchem;
- Goedkeuring Begroting 2026;
- Goedkeuring Treasuryjaarplan 2026;
- Vaststelling rooster van aftreden RvC 2026;
- Vaststelling honorering RvC 2026.
Onderwerpen uitgelicht
Een aantal onderwerpen dat in 2025 -aanvullend op bovenstaande en al dan niet in besluitvormende zin- nadrukkelijk de aandacht had van de RvC, wordt hieronder uitgelicht:
- Huurdersbelangen
Huurders vormen het bestaansrecht van Sité. De RvC ziet toe op de mate waarin en wijze waarop Sité de belangen van haar (toekomstige) huurders betrekt bij haar keuzes. Daartoe toetste de RvC evenals voorgaande jaren na afloop van iedere vergadering of hij voldoende oog voor de huurdersbelangen had gehad. Het perspectief van huurders kwam in 2025 nadrukkelijk aan de orde bij het gesprek over de omvang van de goedkope woningvoorraad, het voornemen van de coalitiepartijen tot huurbevriezing, het effect van de nieuwe WWS-methodiek op de huurprijzen na renovatie, de vertraging rond de nieuwbouw aan de Asterstraat ten gevolge van bezwaren van een omwonende, het behoud van De Bongerd in Steenderen voor de volkshuisvesting, het maatschappelijke draagvlak voor het Naoberhoek-concept en klantwaarderingscijfers. Net als de directeur-bestuurder zocht de RvC daarbij zoals gebruikelijk steeds naar de juiste balans tussen de belangen van de huidige en toekomstige huurders van Sité.
- Toekomstbestendige woningvoorraad
Belangrijk onderdeel van de volkshuisvestelijke opgave van Sité is de beschikking over een toekomstbestendige woningvoorraad in zowel kwantitatieve als kwalitatieve zin. In dat kader werd de RvC ook in 2025 meegenomen in de jaarlijkse actualisatie van het portefeuilleplan en de wensportefeuille van Sité. Behoud van voldoende goedkope woningen was daarbij een aandachtspunt, evenals de bedrijfseconomische haalbaarheid van de forse investeringsopgave.
De realisatiegraad van de investeringsopgave, die afgelopen jaren met name qua renovatie en verduurzaming achterbleef ten opzichte van de door de RvC goedgekeurde begroting, was een rode draad in het gesprek met de RvC naar aanleiding van de managementrapportages. De RvC deelde de zorg van de directeur-bestuurder en is tevreden over de voortgang in deze.
- Woongemeenschap Naoberhoek
Door de complexiteit en omvang van dit project had Woongemeenschap Naoberhoek net als in 2024 gedurende het hele jaar de aandacht van de RvC. In 2024 verleende de RvC goedkeuring aan het besluit van de directeur-bestuurder tot een investering in Woongemeenschap Naoberhoek in Doetinchem, bestemd voor huurders van Sité en het via het COA huisvesten van kansrijke asielzoekers. Zoals elders toegelicht in het jaarverslag was algemene berichtgeving van de Aw in het voorjaar van 2025 over het niet mogen huisvesten van personen zonder verblijfsstatus door woningcorporaties, aanleiding voor een heroriëntatie op het Naoberhoek-concept. In een extra vergadering verleende de RvC goedkeuring aan het besluit van de directeur-bestuurder om daartoe de termijn voor het ondertekenen van de diverse overeenkomsten met betrokken partijen te verlengen. De RvC volgde de ontwikkelingen op de voet en verleende in het najaar goedkeuring aan het gewijzigde investeringsbesluit.
- Duurzaam Prestatiemodel & sectorale solidariteit
Ondanks haar solide financiële positie en bedrijfsvoering staat ook Sité voor de opgave in een context van uitdagende omstandigheden haar financiële continuïteit te borgen en tegelijkertijd te voldoen aan de Nationale Prestatieafspraken. Dit thema vormde de hoofdmoot tijdens de studietweedaagse van de RvC. Daarbij verzorgde Finance Ideas een introductie op het door Aedes ontwikkelde Duurzaam Prestatiemodel (DPM), waarna de deelnemers spelenderwijs inzicht kregen in de financiële impact van volkshuisvestelijke keuzes. Dit vormde een goede opmaat voor het verdiepende gesprek tijdens de studiedag over het DPM van Sité. In het verlengde daarvan voerden de RvC en directeur-bestuurder een verkennend gesprek over de kans dat het solidariteitsvraagstuk manifest wordt in de Achterhoek en hoe Sité zich in dat geval positioneert.
- Organisatieontwikkeling
De directeur-bestuurder hield de RvC gedurende het jaar op de hoogte van het organisatieontwikkelingstraject en haar daar uit voortvloeide keuzes over en overwegingen bij de inrichting van de nieuwe organisatiestructuur. De RvC is tevreden over de zorgvuldige aanpak, de nieuwe verdeling van de span of attention en de span of control binnen de gehele organisatie en het grote draagvlak hiervoor binnen de organisatie.
- Jaarlijks voortgangsgesprek met Aw
Vanwege de diverse wisselingen binnen de RvC was dit keer de voltallige RvC aanwezig bij het jaarlijkse voortgangsgesprek met de Aw. In relatie tot de nieuwe samenstelling van de RvC werd onder meer stilgestaan bij de goede onboarding van de nieuwe Commissarissen en de inspanningen om als nieuw team de kwaliteit van het interne toezicht te bestendigen. Daarbij kwam ook aan de orde dat de kracht en tegenkracht binnen de RvC in balans is.
Qua inhoud van het toezicht spraken RvC en Aw over de rol van stakeholders bij de strategische keuzes van Sité en de aandacht van de RvC voor de realisatiegraad van de investeringsopgave. Ook werd gesproken over integriteit, zie eveneens hierboven onder ‘Integriteit’.
Na afloop keek de RvC terug op een constructief en ontspannen gesprek.De jaarlijkse toezichtbrief die de Aw mede op basis van het voortgangsgesprek opstelde bevatte geen bijzonderheden.
Overige onderwerpen
Een greep uit de andere onderwerpen die de RvC besprak: de door de coalitiepartijen voorgenomen huurbevriezing in 2025 en 2026, de uitgangspunten voor Begroting 2026 e.v., de voortgang rond het wegwerken van E-, F- en G-labels, de toename van het aantal overlastdossiers, toename investeringsvolume nieuwbouw Stationslocatie Doetinchem, lokale prestatieafspraken met gemeente Bronckhorst, gemeente Doetinchem en huurdersvereniging Siverder, de keuze voor de fiscaal adviseur vanaf boekjaar 2025 en het oordeel van de Aw over de rechtmatigheid van verslagjaar 2024.
Honorering RvC
De RvC paste voor zijn eigen honorering in 2025 de 'VTW-Adviesregel’, inclusief de jaarlijkse indexatie, overeenkomstig toe. Sité verstrekte de Commissarissen geen financiële voordelen die niet vielen onder het beloningsbeleid. Zie ook de toelichting hierop in de jaarrekening. De RvC stelde ook zijn honorering voor 2026 vast, dit eveneens conform de indexering waarin de VTW-Adviesregel voorziet.
Terug- & vooruitblik
De RvC stelde eind 2025 naar tevredenheid vast dat de RvC en de organisatie ondanks de diverse wisselingen binnen het bestuur en de RvC in de periode 2024-2025 koersvast zijn gebleven.
De RvC is zich er ook van bewust dat Sité desondanks voor grote uitdagingen staat: de in meerdere opzichten toenemende kwetsbaarheid van haar doelgroep, het samenspel met haar partners, het toekomstbestendig houden van haar woningvoorraad en de prestatieafspraken op met name landelijk niveau. Om haar ambitieuze vastgoedopgave te realiseren neemt de leningportefeuille komende jaren fors toe van ruim € 250 miljoen naar
€ 750 miljoen. Deze weg was Sité reeds eerder ingeslagen, maar het scherper aan de financiële wind varen vereist komende jaren van zowel de organisatie als RvC blijvend aandacht. Dat vereist ook inhoudelijke keuzes in het kader van de nieuwe meerjarenkoers en verdere uitwerking van het duurzaam prestatiemodel.
Dit wordt niet vergemakkelijkt door de wispelturigheid in met name politiek Den Haag en het aanhoudend ingrijpen van het Rijk in de financiële huishouding van woningcorporaties. Ook is de RvC zich ervan bewust dat de mogelijkheden voor Sité worden beïnvloed door de financiële positie van haar collega-corporaties in de Achterhoek en daarbuiten.
De RvC is er echter van overtuigd dat Sité in staat is deze vraagstukken op een weloverwogen en integrale manier te benaderen en op basis daarvan de juiste keuzes te maken, zodat ze huurders zowel in de nabije als verre toekomst van passende woonruimte kan blijven voorzien.
De RvC kijkt er dan ook uit om de overwegingen en keuzes van de organisatie te volgen en te toetsen en daartoe ook fungeren als constructief sparringpartner voor de directeur-bestuurder.